Moederdag beloofde fantastisch te worden. Vanmorgen werd ik verwend met allerlei cadeautjes die Grote Pruts voor me gemaakt had. Hierna gingen we naar een babybrunch met allemaal fijne mensen en lekker eten. Samen met Kleine Pruts deden we een deugddoend middagdutje… Heerlijk allemaal!
Tot hier in de namiddag abrupt een einde aan werd gemaakt door een domme, maar hartrakende opmerking. Na een eerste bezoek aan de kinderpsycholoog proberen we consequent te zijn in ons gedrag naar Kleine Pruts. Dit betekent o.a. dat als zij niet mee aan tafel met ons wil zitten, dat dat oké is, maar dat ze dan ook verder geen aandacht krijgt als ze weent of zeurt (als we aan tafel zitten). En dat is best moeilijk, maar het lukt Manlief en mezelf behoorlijk en… Kleine Pruts wil af en toe al mee met ons aan tafel zitten (waar ze dan geprezen wordt). Een kleine ingreep met succesvolle gevolgen.
Tot je bij ‘anderen’ (zal ik het hier veiligheidshalve noemen) komt die het hier niet eens mee zijn, je (mij persoonlijk) uitschelden dat je danwel “psycholoog (ik ben arbeidspsycholoog) mag zijn, maar hiermee ‘onmenselijke’ methodes toepast. Dat je zoiets (negeren dus) een kind van 17 maanden niet aandoet.” Tja… daar sta je dan met je mond vol tanden. Behalve mijn spullen pakken en mij zo snel mogelijk uit de voeten maken, kon ik op dat moment niets doen. Maar alle twijfels en schuldgevoelens rond het ‘niet eten’ van Kleine Pruts zijn weer terug. Om nog maar te zwijgen hoe het nu verder moet met mijn ‘relatie’ met de scheldende partij (‘t is niet direct iemand die ik uit mijn leven kan bannen). Ik heb vanavond en vannacht genoeg stof tot nadenken.
